Eerst kreeg ik kleuradvies.
En dan maakte Goele mijn kast leeg. Helemaal leeg. Drie volle vuilzakken.
Ik haalde er achteraf nog een paar favorieten uit, maar die hangen nu gewoon te hangen in mijn kast. Ze doen er niks. Ik hou me blijkbaar beter dan verwacht aan het kleur- en stijladvies.
En de broek die ik toch kocht tegen alle adviezen in is gekrompen. Ze was zwart gespikkeld en in wol en behoorlijk duur, ook in de solden. Ik morste er lijm op, waste ze te warm en nu is ze dus om zeep.
Mijn kleren beslissen dus zelf om me niet meer te staan!
Ik moet zeggen: Goele heeft een paar draken van foto's uit mijn archief gehaald en de na-foto's zijn wonderlijk goed gelukt.
Maar het zou oneerlijk zijn als ik nu zei: 'ja, zo kan ik het ook!'
Want dat is natuurlijk niet zo!
Goele werkt onder de naam Prismama en je kunt haar gewoon boeken. Haar blog met onder andere mijn voor- en na foto's vind je op http://atelierprismama.blogspot.com/p/voor-na-kleuradvies.html
Verder is ons Vale verliefd.
En ziet onze Wannes de relativiteit van rijk-zijn in. En vindt hij dat er toch iets te zeggen is voor strenge ouders die met je begaan zijn.
What a life!
vrijdag 7 oktober 2011
maandag 3 oktober 2011
Comprende?
'Het is zeven uur. Waar zou ze uithangen?'
'Geen idee. Ik heb haar al een sms gestuurd. Bel jij nu even.'
'Ze neemt niet op.'
'Dju. Er zal toch niets gebeurd zijn?'
'Dat is wel vervelend. Het eten is intussen klaar. Flo, heb jij iets gehoord van Vale?'
'Niks.'
'Probeer nog eens te bellen.'
'Nog altijd niks.'
- geluid van de sleutel in de deur -
'Daar zul je haar hebben! Jij zegt het hé. Hier is de woordenboek. En 'ongerust' is 'inquito' in het Spaans.'
'Oké. Oké.'
- Vale zet zich aan tafel -
'Waar heb jij gezeten?'
'Maar dat moet je niet vragen! Je moet zeggen dat we ongerust waren!'
'Oké. We waren ongerust. Inquito, weetjewel? En waar heb je eigenlijk gezeten?'
'No importa.'
'Ah. Oei. No importa dus. Euh... Schat?'
'Ja maar, we moeten niet weten waar je gezeten hebt. No oké om te sms-en mas tardes en er dan pas om zeven uur door te komen. Dat doen wij hier zo niet, hé meisje. No... euh... weetikveelwat. En als je zo laat bent, dan sms je om hoe laat. Oké. A zoveel horas.'
- Stilte -
Uren later bedenk ik dat wij het met Wannes en Flo toch anders aanpakken. Zo ongeveer:
'Waar heb jij gezeten?'
'Bij X, Y, Z.'
'En waarom heb je niets laten weten? Waarom denk je dat wij een gsm betalen?'
'Jaha. Volgende keer laat ik het weten.'
'Dat je het maar weet. Of ik kom je gewoon van school halen. Comprende?'
Je boos maken in een andere taal is allesbehalve simpel!
'Geen idee. Ik heb haar al een sms gestuurd. Bel jij nu even.'
'Ze neemt niet op.'
'Dju. Er zal toch niets gebeurd zijn?'
'Dat is wel vervelend. Het eten is intussen klaar. Flo, heb jij iets gehoord van Vale?'
'Niks.'
'Probeer nog eens te bellen.'
'Nog altijd niks.'
- geluid van de sleutel in de deur -
'Daar zul je haar hebben! Jij zegt het hé. Hier is de woordenboek. En 'ongerust' is 'inquito' in het Spaans.'
'Oké. Oké.'
- Vale zet zich aan tafel -
'Waar heb jij gezeten?'
'Maar dat moet je niet vragen! Je moet zeggen dat we ongerust waren!'
'Oké. We waren ongerust. Inquito, weetjewel? En waar heb je eigenlijk gezeten?'
'No importa.'
'Ah. Oei. No importa dus. Euh... Schat?'
'Ja maar, we moeten niet weten waar je gezeten hebt. No oké om te sms-en mas tardes en er dan pas om zeven uur door te komen. Dat doen wij hier zo niet, hé meisje. No... euh... weetikveelwat. En als je zo laat bent, dan sms je om hoe laat. Oké. A zoveel horas.'
- Stilte -
Uren later bedenk ik dat wij het met Wannes en Flo toch anders aanpakken. Zo ongeveer:
'Waar heb jij gezeten?'
'Bij X, Y, Z.'
'En waarom heb je niets laten weten? Waarom denk je dat wij een gsm betalen?'
'Jaha. Volgende keer laat ik het weten.'
'Dat je het maar weet. Of ik kom je gewoon van school halen. Comprende?'
Je boos maken in een andere taal is allesbehalve simpel!
zondag 25 september 2011
Muy lachen!
Muy lekker.
Muy moe.
Muy moeilijk.
Over 'muy dood' hebben we een discussie. Je bent of dood of niet dood, maar heel dood kun je niet zijn. 'Dood' is gewoon de overtreffende trap van 'muy moe'.
Speculaas in elke vorm is muy lekker en we halen alles in huis om te proberen. Speculaaspasta (krokant en niet-krokant), speculaasjes van drie merken, speculaaspudding, speculaasijs, chocolade met speculaas, een dessertje waarin ik de macarons vervang door speculaas, Hollandse strooispeculaasjes met de geweldige naam 'Ik Wil Bolletje Schuddebuikjes'...
Ik sta versteld van wat er allemaal te koop is met speculoossmaak. En Vale lust het allemaal.
Er wordt tegenwoordig veel gelachen met Vale. Ze begint het Nederlands een beetje aan te voelen, knabbelt aan de randjes van de taal en heeft een paar standaarduitdrukkingen die ze regelmatig in onze conversaties gooit.
'Moeilijk gaat ook' bijvoorbeeld. Aanvankelijk was het een manier om Vale een beetje in gang te zetten - intussen gebruikt ze het zelf. Ze vond het zelfs goed dat ik een kadertje maakte met het spreekwoord in dikke rode letters. Voor op haar bureau.
'Dat kan je later in je kabinet hangen als je dokter bent', zeg ik.
Vale kijkt me aan en trekt een bedenkelijk gezicht.
'Paciente con cáncer,' zegt ze serieus. 'Moeilijk gaat ook.'
Ik begrijp meteen wat ze bedoelt en kom niet meer bij van het lachen.
De eeuwige 'no sé' is vervangen door 'kweenie' - een geweldig woord in Vale's mond - en over Belgische mannen zijn we het ook eens. Het is niet gemakkelijk om een 'guapo' te vinden die ook nog 'inteligente' is. Patrick - papa - is een uitzondering natuurlijk.
Lachen!
Volgens haar zijn er ook 'muy gay' in Antwerpen - veel meer dan in Chili.
'Guapo, inteligente y no gay,' zegt ze serieus. 'Muy moeilijk!'
Muy lachen, ja!
Muy moe.
Muy moeilijk.
Over 'muy dood' hebben we een discussie. Je bent of dood of niet dood, maar heel dood kun je niet zijn. 'Dood' is gewoon de overtreffende trap van 'muy moe'.
Speculaas in elke vorm is muy lekker en we halen alles in huis om te proberen. Speculaaspasta (krokant en niet-krokant), speculaasjes van drie merken, speculaaspudding, speculaasijs, chocolade met speculaas, een dessertje waarin ik de macarons vervang door speculaas, Hollandse strooispeculaasjes met de geweldige naam 'Ik Wil Bolletje Schuddebuikjes'...
Ik sta versteld van wat er allemaal te koop is met speculoossmaak. En Vale lust het allemaal.
Er wordt tegenwoordig veel gelachen met Vale. Ze begint het Nederlands een beetje aan te voelen, knabbelt aan de randjes van de taal en heeft een paar standaarduitdrukkingen die ze regelmatig in onze conversaties gooit.
'Moeilijk gaat ook' bijvoorbeeld. Aanvankelijk was het een manier om Vale een beetje in gang te zetten - intussen gebruikt ze het zelf. Ze vond het zelfs goed dat ik een kadertje maakte met het spreekwoord in dikke rode letters. Voor op haar bureau.
'Dat kan je later in je kabinet hangen als je dokter bent', zeg ik.
Vale kijkt me aan en trekt een bedenkelijk gezicht.
'Paciente con cáncer,' zegt ze serieus. 'Moeilijk gaat ook.'
Ik begrijp meteen wat ze bedoelt en kom niet meer bij van het lachen.
De eeuwige 'no sé' is vervangen door 'kweenie' - een geweldig woord in Vale's mond - en over Belgische mannen zijn we het ook eens. Het is niet gemakkelijk om een 'guapo' te vinden die ook nog 'inteligente' is. Patrick - papa - is een uitzondering natuurlijk.
Lachen!
Volgens haar zijn er ook 'muy gay' in Antwerpen - veel meer dan in Chili.
'Guapo, inteligente y no gay,' zegt ze serieus. 'Muy moeilijk!'
Muy lachen, ja!
vrijdag 23 september 2011
Zes Chilenen en één Hondurees
Het werden zes Chilenen en één Hondurees aan onze keukentafel. Het waren stuk voor stuk brave, welopgevoede kinderen die dankjewel en alsjeblief zeiden en me vertelden dat het verschil tussen 'bord' en 'vork' echt wel moeilijk te horen was voor een Spaanstalige. Ze dansten de quecha in onze keuken; ze smeerden centimeters Nutella en speculaaspasta op brood dat bedoeld was om in olijfolie te doppen; ze liepen zonder jas in de gietende regen en vertelden dat het in Honduras zo warm was dat een beetje koud en nat nog altijd bijzonder welkom was; ze gingen uit naar de Cuba Bella in de Pieter Potstraat en liepen verloren in het terugkeren zodat het niet vier maar vijf uur 's ochtends werd voor ze in bed lagen; ze stonden verwonderlijk vroeg op, aten pistolets en sandwiches en vertrokken weer naar huis. Van mij mogen ze nog een keer terugkomen.
| De quecha in de keuken |
| Honduras - Chili |
![]() | |
| Spaghetti! |
vrijdag 16 september 2011
Feliz compleaños
Elke keer dat het woord 'verjaardag' werd uitgesproken de voorbije dagen, stak ze een vuist in de lucht, trok die in een overwinningsgebaar naar zich toe en zei: 'diecisiete.'
Zeventien werd ze dus, gisteren. We hadden de keuken versierd met felgekleurde ballonnen, er stonden zeventien zelfgebakken chocoladecakejes op tafel met evenveel kaarsjes, we schreven 'Gelukkige verjaardag, Vale' op de krijtmuur, het grote pak dat de vorige dag uit Chili was aangekomen stond op tafel en we zongen 'lang zal ze leven' toen ze de kaarsjes uitblies.
Het pak zat vol cadeautjes - truien, T-shirts, speldjes, mutsen (tot grote hilariteit want ze heeft gezworen om deze winter nooit een muts te dragen!), een tasje... De hele tafel lag vol. Ze nam cakejes mee naar school om te trakteren en kwam om vijf uur weer thuis met een cadeautje van haar klasgenoten: een T-shirt met 'I Love Antwerpen.'
Om zes uur kwam Flo thuis van haar klastweedaagse en waren er - je raadt het nooit - alweer pakjes! Van ons deze keer. Een vulpen mét tintenkiller van Flo (Vale had nog nooit met een pen geschreven en wou er wel eentje voor haar verjaardag), een hele warme trui en handschoenen, een enorme Kipling sleutelhanger, een doos snoep en boeken over Antwerpen, Brussel, Gent en Brugge in het Spaans.
We namen honderd wafels mee naar de AFS receptie 's avonds. Daar had ik een hele namiddag aan staan bakken. Toch een beetje onderschat...
Mijn twee dochters stonden ongemanierd te giechelen toen Bert een speech gaf en vervolgens moesten de studenten zich nog een keer voorstellen:
'Ik ben Valentina, ik kom uit Chili en kweenie' zei ze.
Niemand daar snapte waarschijnlijk dat ze een grapje maakte, dus leg ik het hier even uit. We waren haar eeuwige 'no sé' al een tijdje beu en vertelden haar dat, als we een vraag stelden, we gewoon een antwoord verwachtten. Hoeveel boterhammen wil je? Zoveel en niét no sé. Wil je straks mee naar de supermarkt. Ja of neen en niét no sé. Ons pleidooi werd op een 'no sé' onthaald - ha ha! - dus zeiden we: 'en ALS je dan nog no sé gebruikt, zeg dan tenminste 'ik weet het niet'. In het Nederlands. Omdat ze dat te moeilijk vond, kortten we af naar 'kweenie'.
De eerste ochtend was 'kweenie' nog wat moeilijk en kwam het eruit als 'kwitschkwatsch' - wat ons samen met de 'foef foto's' en de 'gelukkige viagra' weer een woord in het Grote Grappige Woordenboek opleverde, maar intussen is het ingeburgerd. Vale gebruikt het te pas en te onpas en moet er ontzettend om lachen. Wij ook.
Vandaag is het Chilidag. Er komen maar liefst vijf Chilenen spaghetti eten. Het kunnen er ook minder zijn. Of meer. Alle Chileense studenten die dit jaar in België zitten zakken af naar Antwerpen. De pot spaghettisaus staat klaar, samen met de rum, het bier, de wijn en de chips. Er blijven vier studenten slapen. Of twee of drie. Of vijf. En zondag gaat Vale 'iets doen voor de nationale feestdag'. Wat 'iets' is, weten we nog niet.
Als we het vragen, trekt ze haar schouders op en zegt: 'Chileno'. Daar moeten we toch nog eens een goed Nederlands woord voor vinden...
Zeventien werd ze dus, gisteren. We hadden de keuken versierd met felgekleurde ballonnen, er stonden zeventien zelfgebakken chocoladecakejes op tafel met evenveel kaarsjes, we schreven 'Gelukkige verjaardag, Vale' op de krijtmuur, het grote pak dat de vorige dag uit Chili was aangekomen stond op tafel en we zongen 'lang zal ze leven' toen ze de kaarsjes uitblies.
Het pak zat vol cadeautjes - truien, T-shirts, speldjes, mutsen (tot grote hilariteit want ze heeft gezworen om deze winter nooit een muts te dragen!), een tasje... De hele tafel lag vol. Ze nam cakejes mee naar school om te trakteren en kwam om vijf uur weer thuis met een cadeautje van haar klasgenoten: een T-shirt met 'I Love Antwerpen.'
Om zes uur kwam Flo thuis van haar klastweedaagse en waren er - je raadt het nooit - alweer pakjes! Van ons deze keer. Een vulpen mét tintenkiller van Flo (Vale had nog nooit met een pen geschreven en wou er wel eentje voor haar verjaardag), een hele warme trui en handschoenen, een enorme Kipling sleutelhanger, een doos snoep en boeken over Antwerpen, Brussel, Gent en Brugge in het Spaans.
We namen honderd wafels mee naar de AFS receptie 's avonds. Daar had ik een hele namiddag aan staan bakken. Toch een beetje onderschat...
Mijn twee dochters stonden ongemanierd te giechelen toen Bert een speech gaf en vervolgens moesten de studenten zich nog een keer voorstellen:
'Ik ben Valentina, ik kom uit Chili en kweenie' zei ze.
Niemand daar snapte waarschijnlijk dat ze een grapje maakte, dus leg ik het hier even uit. We waren haar eeuwige 'no sé' al een tijdje beu en vertelden haar dat, als we een vraag stelden, we gewoon een antwoord verwachtten. Hoeveel boterhammen wil je? Zoveel en niét no sé. Wil je straks mee naar de supermarkt. Ja of neen en niét no sé. Ons pleidooi werd op een 'no sé' onthaald - ha ha! - dus zeiden we: 'en ALS je dan nog no sé gebruikt, zeg dan tenminste 'ik weet het niet'. In het Nederlands. Omdat ze dat te moeilijk vond, kortten we af naar 'kweenie'.
De eerste ochtend was 'kweenie' nog wat moeilijk en kwam het eruit als 'kwitschkwatsch' - wat ons samen met de 'foef foto's' en de 'gelukkige viagra' weer een woord in het Grote Grappige Woordenboek opleverde, maar intussen is het ingeburgerd. Vale gebruikt het te pas en te onpas en moet er ontzettend om lachen. Wij ook.
Vandaag is het Chilidag. Er komen maar liefst vijf Chilenen spaghetti eten. Het kunnen er ook minder zijn. Of meer. Alle Chileense studenten die dit jaar in België zitten zakken af naar Antwerpen. De pot spaghettisaus staat klaar, samen met de rum, het bier, de wijn en de chips. Er blijven vier studenten slapen. Of twee of drie. Of vijf. En zondag gaat Vale 'iets doen voor de nationale feestdag'. Wat 'iets' is, weten we nog niet.
Als we het vragen, trekt ze haar schouders op en zegt: 'Chileno'. Daar moeten we toch nog eens een goed Nederlands woord voor vinden...
![]() |
| Ochtendlijk kaarsjes uitblazen |
| Een grote doos 'esnoep' 's avonds - zuurtjes! |
![]() |
| Een stralende Vale met wafels op de receptie |
donderdag 15 september 2011
Mijn dochter Flo
Ik heb het op deze plek nog niet vaak gehad over mijn dochter Flo. En dat is onterecht, want mijn dochter Flo is absoluut de moeite waard om een apart stuk aan te besteden.
Neem gisteren.
Ze komt 's middags thuis, eet pannenkoeken en zegt: 'Ik ga nu cakejes bakken voor Helena's verjaardag.'
Ik zeg: 'Ah. En waarom moet JIJ die cakejes weer bakken?'
Zij zegt: 'Iémand moet het doen.'
Er worden cakejes gebakken én versierd met marsepein zodat ze eruit zien als legblokken waarmee je de naam 'HELENA' kunt vormen. Mooi.
Ze gaat naar ballet waar ze haar nieuwe pointes krijgt. Thuis trekt ze die rare lichtroze balletkousen aan (die eruit zien als spataderkousen) en dan haar pointes. Ze doet rare dingen op de toppen van haar tenen en het ziet er allemaal nogal pijnlijk uit. Als ik daar iets van zeg, vindt ze dat ik nooit een keer positief kan zijn. Point taken.
Om halfacht komt Camerone binnen. Ze hebben drie topjes gekocht en drie grijs-geel-fluo onderbroekshortjes in de nieuwe Forever 21. Daarvoor hebben ze allebei serieus onder hun voeten gekregen omdat ze pas om zeven uur 's avonds boven water kwamen - maar dat is een ander verhaal.
Of ik stof heb? En scharen? En of ze efkes mijn bureau mogen gebruiken?
Er worden letters en hartjes geknipt. Ik vraag hoe ze dat op de topjes gaan krijgen.
'Naaien,' zegt Flo.
'Hoe?' vraag ik.
'Dat weet ik niet,' zegt Flo.
'Oké,' zeg ik terwijl ik mijn naaimachine bovenhaal.
Om negen uur gaat Camerone naar huis - na een telefoontje van haar mama. Om halfelf leg ik de hand aan het laatste topjes.
1x HELENA (hartje) C.F
2x WE (hartje) HELENA
Vandaag.
Om kwart voor zes sta ik te douchen. Flo komt de badkamer binnen om zes uur en zegt dat België gesplitst is. Het is nog te vroeg om over kieskringen te beginnen. Ze eet een pannenkoek en ik zeg haar dat ze in de toekomst het werk moet verdelen. Ik krijg forse tegenwind.
Ik pak cadeautjes in, doe cakejes in doosjes, maak sandwiches voor Flo, lees nog een keer de brief over de klasdagen waarop ze vandaag vertrekt, zie dat er een deel in een aparte rugzak moet, zoek een rugzak, maak sandwiches voor Valentina, rijd met Flo naar Camerone om kwart voor zeven, wacht een kwartier op Camerone die klaar zou staan, rijd in de richting waar Flo dénkt dat Helena woont...
'Welke straat is het?'
'Mama, dat wéét ik toch niet. Een zijstraat van de Haantjeslei. Je bent er ooit geweest.'
'Ik ben al op duizend plaatsen geweest. Welke straat is het?'
'Mama, ik zei toch dat ik het niet wist. Ik zal het wel zien als we er langs rijden.'
Plots is de stad heel groot. En de Haantjeslei is eenrichtingsverkeer geworden. Ik vloek en trek het me niet aan dat Camerone ook op de achterbank zit.
'Hier is het!'
'Welke kant? Links of rechts?'
'Links.'
'Als ik het me goed herinner was het rechts.'
'Links.'
'Whatever. Zorg ervoor dat jullie om 8 uur op school zijn, dames. Die bus wacht niet!'
Twee synchrone zuchten.
Ze stappen uit. Ik zie dat ze de fluo-onderbroeken over hun joggingbroeken hebben aangetrokken met daarop de oranje topjes. Ik hou mijn mond maar hoop dat er niemand buiten komt op dit vroeger uur. Ze staan besluiteloos rond te kijken en na vijf minuten rijd ik door.
Halverwege de Leien krijg ik telefoon van Camerone. Ze is haar zak in de koffer vergeten. Ik rijd nog een keer verloren in de eenrichtingsstraatjes en vind uiteindelijk de straat waarin Helena zou wonen terug. Ik bel naar Camerone en ze komt naar buiten uit een huis met een blauwe deur. Aan de rechterkant.
Als ik terug thuis ben, kan ik alleen maar denken: mijn dochter Flo. Ze lijkt wel érg hard op mij.
Neem gisteren.
Ze komt 's middags thuis, eet pannenkoeken en zegt: 'Ik ga nu cakejes bakken voor Helena's verjaardag.'
Ik zeg: 'Ah. En waarom moet JIJ die cakejes weer bakken?'
Zij zegt: 'Iémand moet het doen.'
Er worden cakejes gebakken én versierd met marsepein zodat ze eruit zien als legblokken waarmee je de naam 'HELENA' kunt vormen. Mooi.
Ze gaat naar ballet waar ze haar nieuwe pointes krijgt. Thuis trekt ze die rare lichtroze balletkousen aan (die eruit zien als spataderkousen) en dan haar pointes. Ze doet rare dingen op de toppen van haar tenen en het ziet er allemaal nogal pijnlijk uit. Als ik daar iets van zeg, vindt ze dat ik nooit een keer positief kan zijn. Point taken.
Om halfacht komt Camerone binnen. Ze hebben drie topjes gekocht en drie grijs-geel-fluo onderbroekshortjes in de nieuwe Forever 21. Daarvoor hebben ze allebei serieus onder hun voeten gekregen omdat ze pas om zeven uur 's avonds boven water kwamen - maar dat is een ander verhaal.
Of ik stof heb? En scharen? En of ze efkes mijn bureau mogen gebruiken?
Er worden letters en hartjes geknipt. Ik vraag hoe ze dat op de topjes gaan krijgen.
'Naaien,' zegt Flo.
'Hoe?' vraag ik.
'Dat weet ik niet,' zegt Flo.
'Oké,' zeg ik terwijl ik mijn naaimachine bovenhaal.
Om negen uur gaat Camerone naar huis - na een telefoontje van haar mama. Om halfelf leg ik de hand aan het laatste topjes.
1x HELENA (hartje) C.F
2x WE (hartje) HELENA
Vandaag.
Om kwart voor zes sta ik te douchen. Flo komt de badkamer binnen om zes uur en zegt dat België gesplitst is. Het is nog te vroeg om over kieskringen te beginnen. Ze eet een pannenkoek en ik zeg haar dat ze in de toekomst het werk moet verdelen. Ik krijg forse tegenwind.
Ik pak cadeautjes in, doe cakejes in doosjes, maak sandwiches voor Flo, lees nog een keer de brief over de klasdagen waarop ze vandaag vertrekt, zie dat er een deel in een aparte rugzak moet, zoek een rugzak, maak sandwiches voor Valentina, rijd met Flo naar Camerone om kwart voor zeven, wacht een kwartier op Camerone die klaar zou staan, rijd in de richting waar Flo dénkt dat Helena woont...
'Welke straat is het?'
'Mama, dat wéét ik toch niet. Een zijstraat van de Haantjeslei. Je bent er ooit geweest.'
'Ik ben al op duizend plaatsen geweest. Welke straat is het?'
'Mama, ik zei toch dat ik het niet wist. Ik zal het wel zien als we er langs rijden.'
Plots is de stad heel groot. En de Haantjeslei is eenrichtingsverkeer geworden. Ik vloek en trek het me niet aan dat Camerone ook op de achterbank zit.
'Hier is het!'
'Welke kant? Links of rechts?'
'Links.'
'Als ik het me goed herinner was het rechts.'
'Links.'
'Whatever. Zorg ervoor dat jullie om 8 uur op school zijn, dames. Die bus wacht niet!'
Twee synchrone zuchten.
Ze stappen uit. Ik zie dat ze de fluo-onderbroeken over hun joggingbroeken hebben aangetrokken met daarop de oranje topjes. Ik hou mijn mond maar hoop dat er niemand buiten komt op dit vroeger uur. Ze staan besluiteloos rond te kijken en na vijf minuten rijd ik door.
Halverwege de Leien krijg ik telefoon van Camerone. Ze is haar zak in de koffer vergeten. Ik rijd nog een keer verloren in de eenrichtingsstraatjes en vind uiteindelijk de straat waarin Helena zou wonen terug. Ik bel naar Camerone en ze komt naar buiten uit een huis met een blauwe deur. Aan de rechterkant.
Als ik terug thuis ben, kan ik alleen maar denken: mijn dochter Flo. Ze lijkt wel érg hard op mij.
donderdag 8 september 2011
Tafelgesprekken
En op een ochtend lijkt hij onoverbrugbaar ver weg. Je voelt het over je kruipen, langs je voeten, je enkels, je kuiten en als je wakker wordt, drukt het op je borst en probeer je het weg te houden uit dat plekje waar de tranen zitten. De dag ervoor dacht je nog: 'Het is bijna half september. Wat gaat de tijd toch snel!' En ook: 'Als alles goed gaat, hoef je hem niet elke dag te horen.' 's Nachts had je nog op zijn Facebookpagina gekeken waar hij staat te lachen op het strand naast zijn gastbroer. 'Fantastisch strand', dacht je toen je de pagina weg klikte.
'Missen' is fysiek. Een gevoel dat pijn doet.
'Missen' is fysiek. Een gevoel dat pijn doet.
Abonneren op:
Posts (Atom)



